Reglement

Statuten

Inhoudsopgave
Statuten
Huishoudelijk
Alle pagina's

Artikel 1 De vereniging draagt de naam: Fanfarekorps Ons Genoegen. Zij is gevestigd te Wijdenes, gemeente Venhuizen.

Artikel 2

De vereniging is opgericht op negen september negentienhonderd. Zij werd voor de eerste maal koninklijk goedgekeurd bij besluit van dertig mei negentienhonderd drie nummer 65. De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Artikel 3

De vereniging heeft ten doel: door samenwerking de instrumentale toonkunst te bevorderen. Zij tracht dit doel te bereiken door:

a. het onder leiding van een dirigent houden van repetities;

b. het geven van concerten en uitvoeringen;

c. het deelnemen aan muziekconcoursen en festivals;

d. alle andere wettige middelen die bevorderlijk zijn voor het doel der vereniging.

Artikel 4

1. De vereniging bestaat uit:
a. werkende leden;
b. ereleden.

2. Werkende leden zijn zij, die zich verbinden:

 

a. persoonlijk mede te werken aan het verwezenlijken van het doel der vereniging;

b. tot het betalen van een maandelijkse contributie, waarvan het bedrag jaarlijks door de algemene vergadering wordt vastgesteld en

c. tot het naleven van de overige verplichtingen, zoals die door besluiten van de algemene vergadering worden opgelegd.

3. Wie als werkend lid tot de vereniging wenst toe te treden, meldt zich daartoe aan bij het bestuur op de wijze als in het huishoudelijk reglement omschreven. Het bestuur beslist over de toelating van werkende leden; bij niet-toelating kan de aanvrager zich wenden tot de algemene vergadering, die alsnog tot toelating kan besluiten.

4. Aan de werken leden kunnen door het bestuur der vereniging muziekinstrumenten, muziekwerken, uniformen en verdere hulpmiddelen ter leen worden gegeven, onder de in het huishoudelijk reglement omschreven voorwaarden. De ter leen gegeven voorwerpen dienen, bij het einde van het lidmaatschap, binnen veertien dagen aan de secretaris van het besuur der vereniging te worden teruggegeven.

5. Ereleden zijn zij, die zich buitengewoon verdienstelijk hebben gemaakt voor de vereniging. Op voorstel van het bestuur worden zij benoemd bij besluit van de algemene vergadering, genomen met een meerderheid van tenminste tweederde der uitgebrachte stemmen. Zij ontvangen een aandenken in eigendom en betalen geen contributie.
Artikel 5

 

1. Het lidmaatschap eindigt:


a. door het overlijden van het lid;

b. door opzegging door het lid;

c. door opzegging namens de vereniging en

d. door ontzetting.

2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid geschiedt schriftelijk bij het secretariaat met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Niettemin kan het lid binnen één maand, nadat hem of haar een besluit waarbij de verplichtingen van de leden zijn verzwaard, is bekend geworden of medegedeeld, door opzegging van zijn lidmaatschap de toepasselijkheid van dat besluit te zijnen opzichte uitsluiten. Deze opzeggingsbevoegdheid is uitgesloten ten aanzien van financiële verplichtingen.

3. Opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging kan geschieden:

a. indien het lid heeft opgehouden aan de vereisten door de statuten voor het lidmaatschap gesteld te voldoen en

b. indien redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren. De opzegging geschiedt door het bestuur met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken.

4. Ontzetting van het lidmaatschap kan worden uitgesproken, indien het lid gedurende drie maanden nalatig is gebleven aan zijn financi√´le verplichtingen te voldoen, dan wel op andere wijze in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de algemene vergadering handelt of indien het lid de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. De ontzetting geschiedt door het bestuur. Binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit, met opgave van redenen, kan het lid tegen dat besluit beroep instellen bij de algemene vergadering. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.

Artikel 6

1. De geldmiddelen der vereniging bestaan uit:

a. contributies;

b. donaties;

c. subsidies en

d. andere baten.


2. Het huishoudelijk reglement regelt de wijze van betaling van de contributies.

3. Het bedrag der donaties wordt jaarlijks door de algemene vergadering vastgesteld.

Artikel 7

1. Het bestuur wordt door de algemene vergadering uit de leden benoemd. Bestuursleden worden gekozen voor een periode van drie jaren. Aftredende bestuursleden zijn terstond herkiesbaar.

2. Het bestuur bestaat uit tenminste zeven personen, die uit hun midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester aanwijzen.

3. In het bestuur kunnen maximaal twee minderjarige leden, die de leeftijd van zestien jaar hebben bereikt, zitting nemen. Zij komen niet in aanmerking voor de functie van voorzitter, secretaris of penningmeester.

4. Bestuursleden worden ook geschorst en ontslagen door de algemene vergadering. Een schorsing, die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door ontslag, eindigt door verloop van die termijn. Schorsing van een bestuurslid als lid van de vereniging houdt tevens in de schorsing als bestuurslid. Het einde van het lidmaatschap houdt tevens in het einde van het bestuurslidmaatschap. Een bestuurslid kan te allen tijde zelf ontslag nemen.

5. De verdeling der werkzaamheden en het rooster van aftreden worden geregeld bij het huishoudelijk reglement.

Artikel 8

1. Het bestuur heeft tot taak het besturen van de vereniging.

2. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterkt maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. De goedkeuring is niet vereist terzake van een overeenkomst, waarmede een bedrag is gemoeid van maximaal vijfduizend gulden (2250 Euro).

Artikel 9

De voorzitter, de secretaris en de penningmeester gezamenlijk vertegenwoordigen de vereniging in en buiten rechte.

Artikel 10

1. Tenminste éénmaal per jaar wordt, binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van die termijn door de algemene vergadering, een algemene vergadering (jaarvergadering) gehouden.

2. Alle leden die niet zijn geschorst hebben toegang tot de algemene vergadering.

3. Werkende leden hebben daar ieder één stem. Een lid kan zijn stem uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid.

4. Ereleden hebben alleen een adviserende stem. De dirigent heeft, mits niet geschorst, eveneens toegang tot de algemene vergaderingen en het recht daar een adviserende stem uit te brengen.

5. Een lid mist stemrecht over zaken, die hem, zijn echtgenoot of een van zijn bloedverwanten in de rechte lijn betreffen.

6. De algemene vergadering wordt voorgezeten door de voorzitter van het bestuur, terwijl de secretaris van het bestuur de notulen maakt. Bij ontstentenis of belet van een van hen of van beiden treden hun vervangers, nader te bepalen bij huishoudelijk reglement, als zodanig op. De notulen worden in de eerstvolgende algemene vergadering vastgesteld.

Artikel 11

1. Het bestuur roept de algemene vergadering bijeen door middel van een schriftelijke persoonlijke oproep, zo dikwijls het dit wenselijk oordeelt, behoudens het bepaalde in artikel 10, lid 1. In de oproep worden de te behandelen agendapunten vermeld.

2. Het bestuur is verplicht tot bijeenroeping van een algemene vergadering op schriftelijk verzoek van een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één tiende gedeelte der stemmen, op een termijn van niet langer dan vier weken.

3. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze, waarop het bestuur de algemene vergadering bijeen roept of per advertentie in tenminste één ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veelgelezen dagblad.

Artikel 12

1. Over zaken wordt mondeling gestemd. Bij staken der stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.

2. Over personen wordt schriftelijk gestemd. Wordt bij eerste stemming geen volstrekte meerderheid verkregen, dan heeft een herstemming plaats tussen de twee personen, die bij de eerste stemming de meeste en de op een na meeste stemmen hebben verkregen. Bij staken der stemmen beslist het lot.

Artikel 13

In de jaarvergadering brengt het bestuur verslag uit en legt daar rekening en verantwoording af over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd beheer, onder overlegging van de nodige bescheiden. Het boekjaar van de vereniging is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 14

In de jaarvergadering wordt een kascommissie benoemd, bestaande uit drie leden, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt verslag uit aan de algemene vergadering. De commissie kan zich laten bijstaan door een deskundige.

Artikel 15

1. In de statuten van de vereniging kan slechts verandering worden gebracht door een besluit van de algemene vergadering, genomen met tenminste twee derde deel der geldig uitgebrachte stemmen.

2. In de oproep tot de vergadering, waarin een voorstel tot statutenwijziging wordt behandeld, dient hiervan melding te worden gemaakt en te worden medegedeeld, op welke plaats het voorstel voor de leden ter inzage ligt gedurende vijf dagen voor die waarop de vergadering wordt gehouden tot na afloop van de dag der vergadering. De termijn voor de oproep bedraagt tenminste zeven dagen.

3. De statutenwijziging treedt niet eerder in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.

4. Het bestuur draagt zorg voor inschrijving van de statutenwijziging in het Verenigingenregister, gehouden bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor West-Friesland en Waterland te Hoorn.

Artikel 16

1. De vereniging kan worden ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de algemene vergadering, genomen met een meerderheid van tenminste twee derde deel der geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin tenminste drie vierde deel der leden aanwezig of vertegenwoordigd is.

2. In de oproep tot de vergadering wordt het voorstel tot ontbinding vermeld. De termijn voor de oproep bedraagt tenminste zeven dagen.

3. In geval van een batig saldo zal dit onder de leden worden verdeeld.



HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 1

Wie als werkend lid tot de vereniging wenst toe te treden meldt zich, al of niet door tussenkomst van de dirigent, aan bij de voorzitter, de secretaris of de penningmeester. Diegene die als lid toetreedt, ontvangt een exemplaar van de Statuten en het Huishoudelijk Reglement in bruikleen. Indien het lid minderjarig is, worden bovengenoemde bescheiden aan de ouders/verzorgers in bruikleen gegeven.

Artikel 2a

De werkende leden betalen een maandelijkse contributie welk bedrag jaarlijks door de algemene vergadering wordt vastgesteld. Leden die tevens les krijgen betalen naast contributie ook lesgeld. De contributie en het lesgeld moeten steeds vooraf worden betaald en in ieder geval wanneer de penningmeester of de tweede penningmeester hiertoe verzoekt. In geval van wanbetaling geeft de penningmeester hiervan kennis aan het bestuur. De vereniging kent twee contributie bedragen, namelijk voor leden tot zestien jaar en voor leden van zestien jaar en ouder.

Artikel 2b

Als van één gezin drie of meer leden tot lid van de vereniging zijn toegelaten, behoeft door dit gezin vanaf het derde lid slechts de halve contributie betaald te worden. Het jongste lid of de jongste leden betalen dan de helft. Deze korting geldt niet voor lesgeld.

Artikel 2c

1. Ieder lid dat zelf een muziekinstrument ter zijner beschikking heeft en dit instrument, met goedvinden van het bestuur (het moet kwalitatief en qua klank in het orkest passen), ten behoeve van de vereniging gebruikt, behoeft slechts de helft van de contributie te betalen.

2. Leden kunnen uit eigen middelen een instrument aankopen via de vereniging teneinde dit instrument ten behoeve van de vereniging te gebruiken. Als de vereniging op de aankoop van dit instrument subsidie heeft gehad, dat in mindering op de aankoopprijs voor het lid is gebracht dan zijn hieraan de volgende voorwaarden verbonden;

- Betreffende het gebruik gelden dezelfde voorwaarden als dat het een instrument in bruikleen betreft.

- Als een lid binnen 10 jaar na de aankoop bedankt als lid der vereniging of het instrument binnen deze termijn niet meer ten behoeve van de vereniging kan of wil laten gebruiken, dan dient per resterend jaar 10% van het gesubsidieerde bedrag aan de vereniging te worden betaald.

Artikel 2d

Indien een lid drie maanden ziek is en de ziekte daarna nog voortduurt, behoeft het lid vanaf dat moment slechts de helft van de contributie te betalen, mits de ziekte het bezoeken van de repetities verhindert. Het betreft de helft van het contributie bedrag, dat op dat moment op het lid van toepassing is. Dit artikel is niet van toepassing op lesgeld.

Artikel 2e

Conform het gestelde in de statuten artikel 5 lid 2 is de opzegtermijn vier weken. Desalniettemin blijft de betaling van contributie en lesgeld na de opzegtermijn verschuldigd tot het einde van een halfjaarlijkse periode, respectievelijk tot 1 januari of tot 1 juli (zie ook statuten artikel 6 lid 2). Leden die via de vereniging les krijgen van een opleidingsinstituut worden bovendien gehouden aan de betalingsverplichtingen die door dat instituut zijn bepaald.

Artikel 3

De leden zijn verplicht het door de vereniging in bruikleen verstrekte instrument goed te onderhouden en verlies, een defect of schade zo spoedig mogelijk bij het bestuur te melden. Het instrument dient gewoonlijk vervoerd te worden in de daarvoor bestemde koffer of foudraal.

Artikel 4

De leden zijn verplicht het door de vereniging in bruikleen verstrekte uniform goed te onderhouden en verlies van of schade aan het uniform of een gedeelte ervan zo spoedig mogelijk bij het bestuur of de kledingcommissie te melden.

Artikel 5 De leden zijn verplicht alle onderdelen van het uniform te voorzien van hun naam en die veranderingen aan het uniform aan te brengen of, eventueel via de kledingcommissie, aan te laten brengen, die door de kledingcommissie worden aangegeven.

Artikel 6

Bij beÎindiging van het lidmaatschap dient het uniform gestoomd en voorzien van het stomerij bewijs te worden ingeleverd.

Artikel 7

Ook de leden die uit eigen middelen het uniform geheel of gedeeltelijk hebben bekostigd, hebben aangaande het uniform gelijke rechten en plichten als de andere leden. Deze leden of hun nabestaanden kunnen na beÎindiging van het lidmaatschap dat geldbedrag van de vereniging vorderen dat gelijk gesteld kan worden aan de waarde van het uniform op dat moment of evenredig minder naar gelang hun aandeel in de aanschafkosten. Is bovenstaande het geval dan wordt de waarde van het uniform bepaald door de kledingcommissie in overleg met het dagelijks bestuur. Hierbij wordt uitgegaan van een lineaire afschrijving over tien jaar.

Artikel 8

De leden zijn verplicht zwarte schoenen, zwarte of donkerblauwe sokken (heren) en een overhemd of blouse in voorgeschreven kleur bij het uniform te dragen tenzij de kledingcommissie of het bestuur uitdrukkelijk anders heeft toegestaan. Van de leden wordt verwacht dat ze zelf voor de aanschaf van schoenen, sokken en overhemd of blouse zorgdragen.

Artikel 9

Het bestuur zorgt voor voldoende verzekering van het instrumentarium. Niettemin kan de vereniging een bijdrage van het betreffende lid vorderen in geval van schuld of grove nalatigheid indien een geval als omschreven in artikel 3 zich voordoet. Een lid dat conform het gestelde in artikel 2 een eigen instrument ten behoeve van de vereniging gebruikt, kan dit instrument via de vereniging verzekeren voor EURO 7,-- per jaar (prijspeil 2003).

Artikel 10

Indien een geval als omschreven in artikel 4 zich voordoet tengevolge van schuld of grove nalatigheid kan de vereniging een bijdrage van het betreffende lid vorderen.

Artikel 11

De benodigde muziek wordt de leden in bruikleen verstrekt, evenals door de dirigent aanbevolen studiemateriaal. De leden zijn verplicht muziek en studiemateriaal in goede staat te houden. Bij verlies of onbruikbaar geraken kan de vereniging de catalogus waarde van het desbetreffende lid vorderen.

Artikel 12

Het is de leden verboden eigendommen van de vereniging voor andere doeleinden dan ten behoeve van de vereniging zelf te gebruiken of te laten gebruiken zonder uitdrukkelijk toestemming van het bestuur.

Artikel 13

De bestuursleden treden periodiek af volgens onderstaand functierooster.

1e jaar: 1e voorzitter, 2e secretaris, lid

2e jaar: 1e secretaris, 2e penningmeester, lid

3e jaar: 1e penningmeester, 2e voorzitter, lid

Artikel 14

De voorzitter waakt in het bijzonder voor de belangen van de vereniging. Hij leidt alle vergaderingen en tekent de notulen daarvan, nadat deze door de volgende vergadering zijn goedgekeurd. Hij zorgt ervoor dat de statuten en het huishoudelijk reglement worden nageleefd en is verantwoordelijk voor de uitvoering van alle op de vergaderingen genomen besluiten. Hij tekent met de secretaris alle belangrijke uitgaande stukken.

Artikel 15

De secretaris is belast met het voeren van de correspondentie en ondertekent, in geval van belangrijke stukken met de voorzitter, alle uitgaande stukken. Hij stelt de notulen samen van alle vergaderingen en ondertekent die, maakt het jaarverslag op, beheert het archief van de vereniging en verricht verder alle werkzaamheden welke geacht kunnen worden tot zijn functie te behoren.

Artikel 16

De penningmeester ontvangt alle gelden en doet alle uitgaven. Hij stelt de jaarlijkse rekening en verantwoording en de jaarlijkse begroting samen en biedt die, met de nodige stukken en bescheiden, tijdig aan het bestuur aan. Hij beheert de geldmiddelen. De kasgelden belegt hij in overleg met de voorzitter, waarbij eerdere afspraken in acht moeten worden genomen. Hij mag niet meer contant geld dan noodzakelijk onder zijn berusting houden met een maximum van driehonderd Euro. Hij is verplicht aan ieder bestuurslid op diens verzoek inzage te geven van alle boeken en bescheiden en van de kas. Het bestuur kan de penningmeester, in geval het een of ander niet in orde wordt bevonden, schorsen totdat een algemene vergadering, welke binnen twee weken moet worden gehouden, uitspraak heeft gedaan.

Artikel 17

De voorzitter, secretaris en penningmeester worden door hun plaatsvervangers vervangen zo vaak hiertoe de noodzakelijkheid bestaat. De plaatsvervangend penningmeester neemt de boeken niet over dan nadat deze door de voorzitter en de secretaris zijn afgetekend.

Artikel 18

De bibliothecaris beheert de muziek. Hij legt daarvan een inventaris aan en houdt deze bij. De bibliothecaris behoeft geen bestuurslid te zijn.

Artikel 19 Het bestuur vergadert zo vaak als de voorzitter of twee bestuursleden dit nodig achten.

Artikel 20

De algemene vergaderingen moeten tenminste acht dagen tevoren worden uitgeschreven door toezending van een convocatiebiljet aan alle leden. Hierop zijn tijd en plaats der vergadering alsmede de te behandelen punten vermeld. De notulen van de algemene vergadering worden de leden schriftelijk voorgelegd.

Artikel 21

De muzikale leiding berust bij een dirigent. Deze wordt aangesteld, geschorst enanders dan op eigen verzoek ontslagen door de algemene vergadering op voorstel van het bestuur. De dirigent kan zowel in loondienst bij de vereniging zijn als wel een tevoren afgesproken vergoeding ontvangen. De muzikale leiding wordt de dirigent voor onbepaalde tijd toevertrouwd en kan van weerszijden worden beëindigd met inachtneming van de geldende opzeggingstermijn.

Artikel 22

Het bestuur stelt een instructie voor de dirigent vast en deelt deze aan de dirigent mede. De instructie omvat onder meer dat de dirigent verantwoordelijk is voor de goede gang van zaken op muzikaal gebied en die artikelen omschreven in dit reglement die de dirigent aangaan.

Artikel 23

Er wordt normaal één vaste avond in de week gerepeteerd. Extra repetities worden gehouden wanneer het bestuur dit, op voorstel van de dirigent, nodig acht.

Artikel 24

De dirigent bepaalt welke partij ieder lid zal spelen. De leden zijn verplicht de aanwijzingen van de dirigent op te volgen.

Artikel 25 De dirigent bepaalt, in overleg met het bestuur en de muziekcommissie, welke muziekwerken worden aangeschaft. De muziekprogramma's worden door de dirigent en de muziekcommissie voorgesteld en in overleg met de leden vastgesteld.

Artikel 26

De dirigent wordt voor zover deze dit wenst met zijn werkzaamheden geholpen door een onderdirigent en indien nodig door deze vervangen. De onderdirigent moet lid van de vereniging zijn en krijgt alleen vergoeding wanneer hij/zij de dirigent vervangt. De hoogte der vergoeding wordt in onderling overleg bepaald.

Artikel 27

De dirigent, ere- en werkende leden hebben vrij toegang met één introducé tot de door de vereniging te organiseren donateurconcerten.

Artikel 28

Eventueel reisgeld naar door de vereniging te bezoeken evenementen zal voor de dirigent steeds uit de kas worden betaald. De leden betalen het reisgeld in het algemeen zelf.

Artikel 29

Leden die niet aan een optreden kunnen deelnemen zijn verplicht dit tijdig aan het bestuur te melden.

Artikel 30

Leden die door geldige redenen (zie ook artikel 2) tijdelijk niet aan hun verplichtingen tegenover de vereniging kunnen voldoen, kunnen op hun verzoek door het bestuur gedurende het betreffende tijdvak voor het nakomen van één of meer bepalingen in de statuten of het huishoudelijk reglement worden ontheven.

Artikel 31

Het bestuur kan zich laten bijstaan door commissies. De leden van een commissie worden op voorstel van het bestuur benoemd of, indien de commissie een bepaalde groep vertegenwoordigt, door de leden van deze groep gekozen.

Artikel 32

Alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet moeten op een algemene vergadering worden geregeld.

Artikel 33

Dit reglement treedt in werking op en is vastgesteld door de algemene vergadering van 29 maart 1979 en is laatstelijk gewijzigd door de algemene vergadering van 5 juni 2003.